Gears of War: E-Day
Er zijn weinig gamefranchises waarbij je twintig jaar later nog steeds precies weet hoe het voelde om voor het eerst achter een betonnen blok te duiken en vervolgens met een kettingzaag een Locust in tweeën te zagen.

Gears of War was in 2006 niet bepaald subtiel, maar dat was juist de charme. Grote opgepompte kerels, grote geweren, grote monsters en vooral heel veel bloed. Met Gears of War: E-Day gaat The Coalition terug naar het moment waarop de ellende daadwerkelijk begon. Veertien jaar voor de gebeurtenissen van de eerste Gears maken we de Emergence Day mee vanuit het perspectief van een jonge Marcus Fenix en Dom Santiago. En een rookie mag uiteraard niet ontbreken.

Een prequel is altijd een beetje gevaarlijk. Je weet immers al waar de personages uiteindelijk terechtkomen en hoeveel ellende er nog op ze wacht. Toch werkt het verhaal van E-Day verrassend goed. Niet omdat het ineens een Shakespeareaanse tragedie probeert te worden, verre van, maar omdat The Coalition begrijpt dat Emergence Day juist interessant is doordat we nu eindelijk meemaken wat tot nu toe vooral als achtergrondverhaal werd verteld. De invasie voelt daardoor niet als een excuus om weer wat Locust neer te schieten, maar als een gebeurtenis die daadwerkelijk impact heeft op de mensen in Kalona. Niemand weet wat er gebeurt, je hebt geen tijd om het te onderzoeken en het is schieten om te overleven.

Marcus en Dom vormen vanzelfsprekend het hart van het verhaal. Hun relatie krijgt niet altijd zoveel aandacht als je op basis van de marketing zou verwachten, maar wanneer E-Day de ruimte neemt om de twee gewoon even mens te laten zijn, werkt dat behoorlijk goed. Maar eigenlijk steelt iemand anders dan MarDom de show. De game hoeft daarvoor niet iedere vijf minuten een emotionele viool uit de kast te trekken. Een blik, een gesprek of een personage dat beseft dat de wereld die hij kende binnen een paar uur verdwenen is, doet soms genoeg.
Daarmee heeft E-Day een verhaal dat misschien niet constant diepgravend is, maar wel krachtig genoeg om deze terugkeer naar het verleden te rechtvaardigen. Het is meer dan een verzameling nostalgische knipogen naar de eerste game. En dan is er natuurlijk de reden waarom we überhaupt Gears spelen: schieten. Godverdomme wat is dat lekker.

De basis van Gears is na twintig jaar nog steeds overeind en The Coalition heeft daar behoorlijk wat aan gesleuteld. Marcus beweegt soepeler, kan springen, klimmen en over obstakels heen duiken, sliden alsof-ie Call of Duty speelt en ook het coversysteem is dynamischer geworden. Je bent daardoor minder een wandelende koelkast die toevallig een geweer vasthoudt en meer een soldaat die daadwerkelijk door een slagveld probeert te bewegen.
Toch voelt het nog steeds onmiskenbaar als Gears. Je duikt achter een muurtje, wacht tot een Locust zijn kop boven de dekking uitsteekt en geeft hem vervolgens met een shotgun een gratis afspraak bij de plastisch chirurg. De Lancer blijft natuurlijk aanwezig en de kettingzaag blijft een van de meest belachelijk bevredigende wapens uit de geschiedenis van videogames. Kettingzaag doet brrrr en je snijdt een Mauler doormidden.

De actie is dan ook zonder twijfel een van de sterkste kanten van E-Day. De vuurgevechten voelen zwaar, vijanden reageren lekker op kogels en de omgevingen worden tijdens grote gevechten regelmatig volledig aan gort geschoten. The Coalition weet bovendien nog steeds hoe je een setpiece moet bouwen. Wanneer de game alle remmen losgooit, zit je weer midden in die ouderwetse Gears-chaos waarvoor je eigenlijk kwam. Ik durf zelfs te beweren dat gevechten nu vermoeiender aanvoelen dan voorheen. In positieve zin, of ik ben de afgelopen twintig jaar gewoon ouder geworden. Dat kan ook.
En daar begint ook meteen een klein probleem te ontstaan. E-Day probeert namelijk iets te doen wat Gears 5 al probeerde: de wereld wat opener maken. Kalona bestaat niet alleen uit een reeks strak geregisseerde gangen. Op bepaalde momenten krijg je grotere gebieden waarin je kunt rondlopen, optionele opdrachten kunt uitvoeren en verschillende routes kunt nemen. Op papier klinkt dat als een logische ontwikkeling, maar in de praktijk voelt het soms alsof iemand bij The Coalition zei: “We moeten tegenwoordig een open wereld hebben”, waarna de rest van het team zuchtend aan het werk is gegaan. Nee, gewoon nee. Wat is er mis met een lineaire, goed geregisseerde game?

Want Gears is juist fantastisch wanneer het je bij de strot grijpt en door een zorgvuldig ontworpen slagveld duwt. Een spectaculaire achtervolging, een enorme Locust-aanval of een gevecht waarbij de dekking langzaam om je oren wordt geschoten: daar is de serie op haar best. Wanneer je vervolgens door een relatief lege straat mag rennen om een optioneel doelwit te zoeken, zakt het tempo behoorlijk in. Helemaal nu collectibles gewoon zichtbaar op de kaart staan. Je hoort het bekende tududuuu-geluidje wel, maar de voldoening van het vinden is daardoor toch wat minder.
De open gebieden zijn overigens niet slecht. Kalona ziet er fantastisch uit en de hoeveelheid detail is indrukwekkend. De stad voelt daadwerkelijk als een plek die aan het instorten is terwijl jij er middenin staat. Alleen weet de game niet altijd wat hij met die extra ruimte moet doen. De vrijheid is er, maar de reden om die te gebruiken niet altijd.

Daar komt bij dat E-Day na verloop van tijd wel erg graag hetzelfde trucje herhaalt. Je schiet Locust neer, loopt verder, krijgt dekking, schiet meer Locust neer en vervolgens komt er een grotere Locust die nog wat extra lood nodig heeft. De gevechten blijven leuk, maar wave na wave Tickers hoeft van mij niet zo. Zeker wanneer je bedenkt dat de variatie aan vijanden uiteindelijk op minder vingers past dan je aan je twee handen hebt.
Gelukkig weet de game daar regelmatig spectaculaire momenten tegenover te zetten. De schaal van de Emergence Day-invasie is indrukwekkend en de manier waarop Kalona langzaam verandert van een levende stad in een oorlogsgebied geeft de campagne een duidelijke identiteit. Je ziet letterlijk wat er gebeurt terwijl de wereld om je heen instort.

Visueel is E-Day sowieso een beest. De personages zien er fantastisch uit, de omgevingen zijn enorm gedetailleerd en vooral de momenten waarop de game alle registers opentrekt laten zien wat de huidige generatie hardware kan. Het voelt modern, zonder dat The Coalition de identiteit van de serie kwijt is.
Gears of War: E-Day is uiteindelijk een behoorlijk interessante terugkeer naar de basis. The Coalition heeft niet geprobeerd om van Gears ineens een compleet andere game te maken. Het blijft een lompe, bloederige cover shooter waarin je met een veel te groot geweer monsters aan stukken schiet. En gelukkig maar.

Het verhaal is sterk genoeg om de terugkeer naar Emergence Day te rechtvaardigen en geeft Marcus en Dom voldoende context om deze prequel meer te laten zijn dan een nostalgische trip. De actie behoort ondertussen tot het beste wat de serie te bieden heeft. Alleen de open stukken hadden van mij niet zo nodig gehoeven. Wanneer The Coalition de teugels aantrekt, blinkt E-Day uit. En uiteindelijk is dat precies wat Gears of War: E-Day zo goed begrijpt: soms hoef je een franchise niet opnieuw uit te vinden. Soms moet je gewoon een Locust in zijn bek schieten en daarna met je kettingzaag kijken of hij daar iets van vindt.
En als uitsmijter, en misschien ook wel een boodschap aan alle gamedevelopers ter wereld: ik heb weer ouderwets genoten van een co-opgame op de bank. In mijn studententijd speelde ik Gears of War 1, 2 en 3 met een maat op een Klippan. Urenlang naast elkaar op die veel te kleine bank, elkaar uitlachen als een van ons weer eens werd neergeschoten en ondertussen Locust aan gort zagen. Dat waren van die avonden die je jaren later nog precies voor je ziet.
Twintig jaar later is de Klippan inmiddels verdwenen, maar toen ik samen met iemand anders Gears of War: E-Day speelde, kwam dat gevoel ineens weer terug. Niet omdat de game alles precies hetzelfde doet als vroeger, maar omdat hij me weer datzelfde gevoel gaf: samen op de bank, controller in je handen en gewoon een avondje Gears spelen. En eerlijk gezegd is dat misschien wel de grootste nostalgietrip die een game me had kunnen geven.
Alleen daarom al zou je Gears of War: E-Day een kans moeten geven.
SpankmasterC: Tut mir leit Herr AQuila, es soll nicht wieder passieren!
RickoKun: Hey hoi! Ik kom bij dit topiqueje checken weetjuh!
Steam: Skullsplitter
Origin-naam:013skullsplitter
Twitter: @BuikschuiverNL
Xbox Live: Buikschuiver
Oscar, jij mag mijn landgoed als ik kom te overlijden. - Monkyyy
Ik kan me overigens de co-op sessies nog herinneren van een lang vervlogen tijd foto
Gears was naast forza mijn game voor de Xbox foto
20 gender vlaggetjes om uit te kiezen.
Koren op de molen van de anti woke brigade, waar ik ook deel van uitmaak.
Hij noemt het heel toepasselijk games designed by women / HR.
Wel een Israel vlag maar geen Pali vlag gaat ook voor ophef zorgen, maar dan aan de woke kant.
Twitter: @BuikschuiverNL
Xbox Live: Buikschuiver
Oscar, jij mag mijn landgoed als ik kom te overlijden. - Monkyyy
Je lichaam is al 80% water.
Zoiets zou zijn reactie zijn foto
Ironisch genoeg voor mij té veel en heb de games nooit zelf gespeeld omdat ik dat een beetje gay vond foto
Het is hetzelfde als Kane&Lynch buttbuddies maken, of army of two laten twijfelen of ze misschien pansexueel zijn. Max payne? Gay as fuck. Dan hebben we het ook nog niet gehad over serious sam. Dat kan ook gerust een bruine kringspierexpeditieleider worden in de toekomst.
Kick ass and chew bubblegum? Eat ass and chew on it, wordt het motto
Dit krijg je met inclusietargets en een HR bestaande uit antifa neusring.
Ik vernam ook dat een van de prominente developers die eerder aan gow werkte nu een vrouw is geworden en ook aan deze versie werkte.
Die mafnakkers denken echt dat ze de afspiegeling zijn van hun ideale maatschappij. Sommige IPs mogen gewoon best van bro's blijven zonder al dat gedram... Is mijn mening. De game industrie die geforceerd woke gaat voor massagames is bijna altijd een dikke faal laten alle cijfers zien. Het houdt vanzelf wel een keer op
[ Bericht gewijzigd door woessie op zaterdag 3 oktober 2026 @ 12:14 ]
Ik doelde meer op zijn bloedend tandvlees, dat hij de smaak van zijn eigen bloed niet lekker vond.
Maar persoonlijke hygiëne is ook een ander vak.
Twitter: @BuikschuiverNL
Xbox Live: Buikschuiver
Oscar, jij mag mijn landgoed als ik kom te overlijden. - Monkyyy
Wat je hier naar Asmongold op de man aan het doen bent staat haaks tegenover acceptatie en inclusie. Erg biggotig enzo
[ Bericht gewijzigd door woessie op zaterdag 3 oktober 2026 @ 15:08 ]
Maar ik die van gow houdt -zoals het een goed deel van mijn beste jaren heeft ingenomen- vind het jammer dat er keuzes worden gemaakt in een game en vooral in een prequel die de rest van de game bepaalt.
Als je niet van Asmongold houdt; ik heb net deze video zitten te bekijken en voor de canon is deze game erger dan blijkt uit Asmon zijn video. Al mijn hype is weg foto
En dan natuurlijk al die geforceerde troep waar waarschijnlijk 20 zoommeetingen aan zijn besteed terwijl er niet eens meer waterphysics meer zijn terwijl die er 18 jaar geleden wel waren maar a la. Details foto
Haha de eerste 1.5 minuut van deze is hilarisch. Dat is een monoloog van die developer die vrouw is geworden dus niks geknipt. Man man gears of war is fucked. Gears is gewolverined
Ik hou erover op. De zoveelste franchise verneukt. Dan ben ik maar een onzekere blanke hetero foto
[ Bericht gewijzigd door woessie op zaterdag 3 oktober 2026 @ 21:11 ]
Twitter: @BuikschuiverNL
Xbox Live: Buikschuiver
Oscar, jij mag mijn landgoed als ik kom te overlijden. - Monkyyy
Met vlaggetjes die vrijwel niemand kent om activisme te forceren.
Een van de verdachten is deze vrouw die als man begon bij de studio.
Dit hoort niet thuis in games waarbij je mensen doormidden zaagt! Zij hij heeft het over een 'cause' en diversity en inclusion waar ze gepassioneerd over is. Ga fietsen aub, dit is een gewelddadige game. Doe dit in Animal Crossing en je hoort mij er niet over.
Retard Finder (@IfindRetards) on X
Persoonlijk activisme in een game hoort wat mij betreft te worden afgestraft. Rare beslissing, had al die tijd besteed aan optimaliseren van geluid en physics.
Ineens zijn de vrouwen de baas in deze GeOW. Dat past niet in de serie, al helemaal niet omdat het een prequel is. Waar zijn al die girlbosses in de vervolgen?
Sorry maar wat een onzin
[ Bericht gewijzigd door woessie op maandag 5 oktober 2026 @ 13:30 ]
Om te kunnen reageren moet je zijn ingelogd op FOK.nl. Als je nog geen account hebt kun je gratis een FOK!account aanmaken